Opinie PDF Afdrukken E-mail
Artikelindex
Opinie
Intro WINDNIEUWS febr 08
Intro WINDNIEUWS dec 07
Eerdere stukken

Deze pagina's zijn bedoeld voor aan het nieuws gerelateerde teksten volgens de mening van de schrijver. Die hoeven dus niet objectief te zijn.

Convenanten... 

(Intro 'WINDNIEUWS' dec 07)

We leven in het tijdperk van de convenanten. Het kabinet steekt in op samenwerking met marktpartijen, liever dan ze de wet voor te schrijven. Met een convenant strijk je partijen niet tegen de haren in en laat je mensen uit de praktijk zelf de meest effectieve oplossing kiezen. Als het doel maar gehaald wordt. De vraag is natuurlijk hoe hard dit gespeeld wordt als blijkt dat het doel niet gehaald gaat worden. Daarover zijn verschillende ideeën.

Allereerst is het noodzakelijk om de convenanten zo hard mogelijk in te zetten. Dat is van begin af aan de lijn van VROM minister Jacqueline Cramer. Vervolgens zal blijvende druk van alle kanten moeten zorgen dat partijen / partners de ‘verplichtingen’ uit het convenant ook echt blijvend nakomen.
De Franse ex-minister die op uitnodiging van Econcern in Den Haag de Derde Dinsdag in oktober opluisterde, vertelde hoe hij dat destijds in zijn district voor elkaar kreeg. Duurzame energie is duurzame werkgelegenheid. Hij dreigde lokale bestuurders met naam en toenaam aan de schandpaal te nagelen als zij die bron van werkgelegenheid zouden frustreren. In economisch zwakke plattelandsregio’s lijkt me dit een goed middel. En zijn dit niet juist de gebieden waar windenergie het van moet hebben?

vng-14woOp 12 november jl. ondertekende minister Cramer in het kader van ‘Schoon en zuinig’ in de Grote Kerk te Den Haag een convenant met de voorzitter van de Vereniging Nederlandse Gemeenten. Het was de laatste officiële daad van de Haagse burgemeester Deetman, als voorzitter van de VNG. Direct na de ondertekening werd in diezelfde kerk afscheid genomen en Annemarie Jorritsma, burgemeester van Almere, als zijn opvolgster aangewezen. Zo’n afscheid lijkt geen sterk moment voor de ondertekening van een convenant. Maar ach, het is slechts een formele (feestelijke) afsluiting van een proces waarin die afspraken door anderen zijn voorbereid.

“Wat doen we met de achterblijvers?” vroeg ik als persvertegenwoordiger na de officiële ondertekening. Ik heb daar wat slechte ervaringen mee en zou de tegenstribbelaars hetzelfde lot gunnen als ze in Frankrijk was voorgehouden: openbare vernedering. Een negatieve associatie met de als steeds belangrijker ervaren strijd tegen het broeikaseffect (70% van de consumenten wereldwijd maakt zich al zorgen) zou geen enkele politicus moeten willen. Maar als je oogkleppen op hebt, heb je dat niet eens in de gaten. Net als kiezers die goede informatie ontberen omdat ze al moeite hebben om het verschil tussen een krant en een stripboek te ontwaren. Dan kun je gewoon doorgaan met het tegenhouden van gewenste ontwikkelingen...

Gelukkig zijn er ook telkens goede voorbeelden van bestuurders met minder slappe knieën, ook al bereikt niet iedereen even veel. Het gaat ook om het overeind houden van de mogelijkheden, het verhinderen van bestemmingsplannen waar zaken expliciet worden uitgesloten. Dat is cruciaal en vereist vaak expliciet ingrijpen.

“Vrijwillige gedragsverandering is op dit moment niet voldoende om een substantieel effect te hebben op klimaatverandering,” schrijft het MNP in haar jongste rapport. “Er is wel veel draagvlak en betalingsbereidheid bij Nederlanders om klimaatverandering aan te pakken. Mensen vinden echter dat de overheid moet zorgen voor verduurzaming van producten, waaronder brandstof.”

Belangrijk is dat de overheid, bij het afsluiten van convenanten zelf betrouwbaar blijkt en haar eigen ambities en de daaruit volgende verplichtingen serieus neemt. Hoe voorkomen we anders dat partners - bij het ondertekenen van het zoveelste convenant - speculeren op een overheid die uiteindelijk toch een papieren tijger blijkt te zijn?

Cees Bakker,
voorzitter van ODE