Zoeken

Nieuws items

 
ECN: 'Handel in groenlabels voor gesubsidieerde stroom moet verboden worden' PDF Afdrukken E-mail
25 november 08

Volgend jaar wordt waarschijnlijk de nieuwe Europese richtlijn Hernieuwbare Energie van kracht. Nederland heeft nu nog de grootste particuliere groene-stroommarkt van Europa, maar het zou wel eens kunnen zijn dat de Nederlandse consument juist door die Europese richtlijn straks nog maar weinig echte groene stroom te kiezen heeft. De oplossing ligt volgens Jaap Jansen, onderzoeker Energiebeleid, in de introductie van “groenlabels” voor stroom.

Met circa 2,5 miljoen huishoudens met een abonnement op groene stroom heeft Nederland de grootste particuliere markt voor groene stroom van Europa. Nieuwe Europese wetgeving zal grote invloed hebben op de toekomstige ontwikkeling van deze markt. Volgens de huidige stand van zaken in Brussel dicteert de Europese richtlijn straks, dat van het Nederlandse energieverbruik in 2020, 14 procent van groene energiebronnen (waterkracht, biomassa, wind, zon) afkomstig moet zijn. Dit een forse opgave; in 2005 was het percentage groen nog slechts 2,4 procent. De bijdrage van de elektriciteitssector hieraan zal in principe enkel worden gemeten aan de hand van Nederlandse productie van groene stroom. Om het streefcijfer 14 procent voor het gehele energieverbruik te halen zal in Nederland in 2020 zeker 20 procent van de stroomopwekking “groen” moeten zijn, tegenover slechts 6,1 procent in 2005.

Certificaten
De levering van groene stroom dient volgens de richtlijn te worden aangetoond met groencertificaten. Deze elektronische certificaten worden door de nationale overheden afgegeven als de producent kan aantonen dat de stroom is opgewekt uit duurzame bronnen als zon, wind, waterkracht en biomassa. Groencertificaten kunnen binnen de EU vrij verhandeld worden, los van de handel in stroom. Volgens de komende richtlijn zullen ze enkel gebruikt mogen worden voor verificatie van verklaringen van elektriciteitsleveranciers over het groene gehalte van de aan eindgebruikers geleverde stroom.

Er is nu een stortvloed van certificaten voor groene stroom uit voldragen (marktrijpe) technologieën. In de EU is dit voornamelijk grootschalige waterkracht. Voor de stroomproduktie door middel van grootschalige waterkracht is geen extra financiële prikkel nodig: zonder een cent subsidie past de markt deze technologie uit zichzelf al zoveel mogelijk toe. Bovendien heeft (grootschalige) waterkracht in Europa weinig uitbreidingspotentieel meer. Tegenover het grote aanbod van groencertificaten op basis van waterkracht staat in heel Europa een geringere vraag naar groene stroom. Deze “waterkrachtcertificaten” drukken daarom heel sterk de prijs voor groencertificaten. Daardoor zet de aankoop van groene stroom door de consument nauwelijks aan tot extra (investeringen in de) productie van groene stroom.

Bovendien lijkt het erop dat de richtlijn de lidstaten straks toestaat zelf te bepalen of de handel in groencertificaten voor stroom die al door de overheid is gesubsidieerd wordt verboden of niet. Deze handel zou echter juist zonder meer verboden moeten worden. Want verhandelbare groencertificaten voor al gesubsidieerde stroom leveren een forse bijdrage aan het overschot aan groencertificaten. Immers nieuwe investeringen in de productie van “groene” stroom komen louter tot stand als investeerders verzekerd zijn van extra inkomsten, met name door langjarige subsidiegarantie door de overheid. Alles wat elektriciteitproducenten extra krijgen voor het opwekken van groene stroom door de verkoop van groencertificaten is meegenomen.

(bron en meer informatie bij ECN)

Reacties

Met onderstaand formulier kunt u op dit artikel reageren. Ongepaste reacties zullen door de webmaster worden verwijderd.
Naam:
E-mail:
Website:
Titel:
Reactie:

Voer de code in* Code

Powered by AkoComment!

 
< Vorige   Volgende >